Patellaluxatie - loszittende knieschijf bij honden
Patellaluxatie - loszittende knieschijf bij honden
Belangrijk vooraf: Fidello is geen dierenarts. Deze pagina is bedoeld om je te informeren en helpt je niet aan een diagnose. Twijfel je over de gezondheid van je hond, of herken je onderstaande signalen? Neem dan altijd contact op met een dierenarts.
Patellaluxatie is een van de meest gemelde gewrichtsproblemen bij kleine hondenrassen, al komt de aandoening ook bij grotere honden voor. Hierbij glijdt de knieschijf (patella) uit de groef waarin hij normaal gesproken op en neer beweegt. Dat kan leiden tot een kenmerkende huppelende gang, en op termijn tot slijtage van het gewricht.
Wat is patellaluxatie?
De knieschijf hoort in een groef aan de voorzijde van het dijbeen te lopen, de trochleaire groeve. Bij patellaluxatie is deze groeve te ondiep, staan de omliggende pezen en banden niet goed uitgelijnd, of is de beenstand afwijkend, waardoor de knieschijf naar binnen (mediaal) of naar buiten (lateraal) uit de groef schiet. Mediale luxatie komt duidelijk vaker voor dan laterale luxatie, vooral bij kleine rassen. Dierenartsen delen de ernst in via vier graden: van graad I, waarbij de knieschijf zelden en vanzelf terugschiet, tot graad IV, waarbij de knieschijf continu buiten de groef ligt en niet meer met de hand teruggeduwd kan worden.
Welke honden lopen risico?
Mediale patellaluxatie wordt vooral gemeld bij kleine en toy-rassen, zoals de Yorkshire Terriër, Pomeriaan, Chihuahua, Boston Terriër, Pekingees, Cavalier King Charles Spaniël en de mini- of toy-Poedel. Bij grotere rassen zoals de Labrador Retriever, Golden Retriever, Akita, Malamute, Boxer en Husky wordt vaker de minder gebruikelijke laterale vorm gezien, en lijkt patellaluxatie de laatste jaren vaker te worden vastgesteld. Erfelijke aanleg, zoals een te ondiepe groeve of een afwijkende beenstand, geldt als de belangrijkste risicofactor; dit betekent niet dat elke hond van een gevoelig ras klachten ontwikkelt.
Symptomen
Het meest kenmerkende signaal is een plotselinge, kortdurende huppelpas: de hond trekt tijdens het lopen of rennen even een achterpoot op, huppelt een paar passen door en loopt daarna weer gewoon door, alsof er niets aan de hand was. Dit kan al op jonge leeftijd beginnen, vaak vóór het eerste levensjaar. Bij hogere gradaties kan de kreupelheid vaker terugkeren, langer aanhouden, of een blijvend afwijkende, licht gebogen stand van de achterpoot veroorzaken. Signalen die om spoed vragen zijn: een poot die plotseling helemaal niet meer belast wordt, duidelijke pijn bij aanraking, of zwelling van het gewricht.
Wanneer naar de dierenarts?
Neem contact op zodra je een herhaalde huppelpas, een tijdelijk opgetrokken achterpoot of een veranderde gang bij je hond opmerkt, ook als de kreupelheid vanzelf weer overgaat. Bij een poot die plotseling niet meer belast wordt of duidelijke pijn is een spoedafspraak verstandig.
Hoe wordt het vastgesteld?
Een dierenarts onderzoekt de knie met de hand om te voelen hoe gemakkelijk de knieschijf uit de groef beweegt en hoe vanzelfsprekend zij terugkeert; op basis daarvan wordt de graad (I tot en met IV) bepaald. Röntgenonderzoek kan worden ingezet om de beenstand te beoordelen en andere gewrichtsproblemen uit te sluiten. Deze pagina kan je niet vertellen of jouw hond patellaluxatie heeft en in welke graad; alleen een dierenarts kan dat na lichamelijk onderzoek vaststellen.
Behandeling in hoofdlijnen
De aanpak hangt af van de graad, de leeftijd van de hond en de mate van klachten, en wordt door de dierenarts bepaald. Bij lichte, weinig hinderlijke gevallen, vaak graad I, kan gewichtscontrole en aangepaste beweging voldoende zijn. Bij herhaalde kreupelheid of hogere gradaties wordt vaak een chirurgische correctie overwogen, waarbij onder meer de groeve wordt verdiept of de aanhechting van de pees wordt bijgesteld. Er bestaat geen behandeling die voor elke hond of elke graad hetzelfde resultaat geeft; het plan wordt altijd op de individuele hond afgestemd.
Wat je zelf kunt doen
Naast de behandeling die een dierenarts voorschrijft, kun je thuis bijdragen aan comfort: houd je hond op een gezond, slank gewicht, vermijd herhaaldelijk springen van bijvoorbeeld de bank of het bed, zorg voor grip op gladde vloeren, en bied een zachte, goed ondersteunende ligplek. Dit vervangt geen medische behandeling, maar kan wel bijdragen aan het dagelijks comfort van je hond.
Preventie en verantwoorde fokkerij
Bij rassen met een verhoogd risico laten verantwoorde fokkers de ouderdieren voorafgaand aan de fok op de knieën controleren door een dierenarts. Vraag als koper naar deze uitslagen. Daarnaast helpt het om pups uit gevoelige rassen niet te zwaar te laten groeien en herhaaldelijk springen op en af meubels tijdens de groeifase te beperken.
Leven met patellaluxatie
Veel honden met een lichte vorm van patellaluxatie kunnen jarenlang een actief en comfortabel leven leiden, zeker met gewichtscontrole en een aangepaste omgeving. Bij hogere gradaties of aanhoudende klachten helpt regelmatige controle door de dierenarts om op tijd bij te sturen en verdere gewrichtsschade te beperken.
Ondersteunende producten
Een orthopedisch hondenbed kan de druk op de gewrichten tijdens rust verminderen en zo praktisch bijdragen aan het comfort van je hond, maar behandelt de aandoening zelf niet. Voorbeelden zijn de Trixie Vital Hondenmand Bendson Orthopedisch en de Bia Bed Hondenmand Orthopedisch. Kies een maat waarin je hond volledig uitgestrekt kan liggen.
Veelgestelde vragen
Is patellaluxatie pijnlijk voor mijn hond?
Bij lichte gradaties merkt een hond er vaak weinig van; bij hogere gradaties of aanhoudende irritatie van het gewricht kan wel pijn en ongemak ontstaan.
Groeit een hond er als pup overheen?
Nee, patellaluxatie verdwijnt niet vanzelf. De ernst kan wel stabiel blijven zonder duidelijk te verergeren, afhankelijk van de graad.
Is een operatie altijd nodig?
Nee, lichte gevallen worden vaak niet-chirurgisch begeleid. De dierenarts bepaalt op basis van de graad en de klachten wat voor jouw hond passend is.
Komt patellaluxatie alleen bij kleine hondjes voor?
Nee, het komt het vaakst voor bij kleine rassen, maar wordt ook bij grotere rassen gemeld, met name in een minder gebruikelijke vorm.
Eindconclusie
Patellaluxatie is een veelvoorkomende, grotendeels erfelijke gewrichtsaandoening waarbij de knieschijf uit haar groef kan schieten, met een huppelende gang als meest opvallende signaal. De ernst loopt uiteen van nauwelijks merkbaar tot blijvend hinderlijk, en de juiste aanpak hangt sterk af van de individuele hond. Vroege signalen herkennen en tijdig een dierenarts raadplegen helpen om klachten beheersbaar te houden.
Tot slot
Tot slot: dit artikel vervangt geen dierenartsbezoek. Fidello geeft geen diagnoses en schrijft geen behandelingen voor. Bij twijfel, aanhoudende klachten of acute signalen is een dierenarts altijd de juiste vervolgstap.